VOORWOORD

RENTMEESTERS

FNV-bestuurder Marije Ottervanger onderwerpt het overleg over de uitzend-cao aan een nadere beschouwing. Ze doet dit met de ogen van een relatieve nieuwkomer. ‘Hoe hebben de werkgevers de ervaringen van uitzendkrachten in de praktijk kunnen missen? Kom uit die bubbel!’

Ik draai nu een kleine anderhalf jaar mee in het team bestuurders van FNV Flex en ik zit hier inmiddels helemaal op mijn plek. Ik heb fijne, ervaren collega’s en vind dat we samen een goed team vormen. Ik zit nu ook alweer een klein jaar samen met mijn collega Karin Heynsdijk aan de cao-tafel waar we overleggen over betere afspraken voor de uitzendbranche. Ik ben halverwege het vorige cao-overleg ingestroomd, en nu, op het moment waarop er weer een nieuwe cao had moeten liggen, zijn we blijven steken.

Eigenlijk verbaast mij dat niet. Er wordt heel veel gekletst, veel zaken worden over en weer uitgewisseld, maar concrete stappen worden nauwelijks gezet. Daarvoor lijken de belangen te veel tegenovergesteld. Maar de partijen aan de cao-tafel weten ook donders goed dat ze elkaar keihard nodig hebben. De bond wil goede afspraken voor alle uitzendkrachten, en de werkgevers hebben een cao nodig die algemeen verbindend verklaard kan worden, waarmee ze concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen.

Samen zijn wij, de bonden en de werkgevers, de rentmeesters van de sector. Nu hebben deze partijen elkaar in elke sector nodig, maar in de uitzendbranche geldt dit des te meer.

Waar een koekjesfabriek geld verdient met koekjes bakken en verkopen, verdienen uitzendbureaus enkel en alleen geld met het ter beschikking stellen van arbeidskrachten. En zoals een koekjesfabrikant waakt over de kwaliteit en versheid van zijn koekjes, zo zouden uitzendbureaus moeten waken over hun “product”: mensen van vlees en bloed.

Ik vraag me af of de uitzendwerkgevers wel eens op de werkvloer komen. Kunnen zij invoelen hoe het is om uitzendkracht te zijn? Wat het met je doet om minder te verdienen dan vaste krachten, vaak zelfs niet meer dan het minimumloon, en dan ook nog eens een flinke dosis onzekerheid te moeten verdragen? Je niet vrij voelen om voor jezelf op te komen, monddood te zijn, doet heel veel met mensen.

Tijdens cao-overleg hebben we vanuit FNV Flex al vaker uitzendkrachten aan het woord gelaten over de situatie waarin zij zitten. De werkgeversdelegatie schrok zich rot van hun verhalen. Dat is enerzijds goed, want het drukt ze met de neus op de feiten. Anderzijds is dit ook een slecht teken, want hoe hebben ze deze ervaringen van nota bene hun eigen mensen kunnen missen? Ze lijken daardoor hun mensen vooral als kostenpost of winstgenerator te zien. Als financiële investering in plaats van mensen met een gezin en toekomstdromen. Dat is toch ongelooflijk?!

Kom uit je bubbel, luidt daarom mijn oproep aan de werkgevers. Nee, we voeren geen technische discussie aan die cao-tafel. We hebben het over mensen. Waar we trots op moeten zijn. Dit zijn de mensen die een belangrijke taak vervullen voor bedrijven die (ineens veel) personeel nodig hebben. Die langdurige onzekerheid moeten verduren, zodat bedrijven hun productieproces heel precies in kunnen richten. Die dagelijks laten zien dat zij goed om kunnen gaan met wisselende situaties en werkgevers. Die meebewegen met tekorten en overschotten op de arbeidsmarkt. Daar zijn uitzendbureaus nota bene voor opgericht! Niet om deze mensen zo goedkoop mogelijk op de arbeidsmarkt weg te zetten.

Zo’n beetje alles wat flex is, is duurder. Flexibele vliegtickets, flexibele abonnementen, flexibele kinderopvang… Behalve flexibele arbeid. Waarom? Tot nu toe is nog niemand er in geslaagd mij dit uit te leggen. Daarom houd ik gewoon vast aan mijn standpunt dat flexibele arbeidskrachten die de problemen van inleners komen oplossen, best wat extra mogen kosten. En dan heb ik het zowel over geld als waardering én respect.

Marije Ottervanger bestuurder FNV Flex & Naleving

Deel deze pagina