UITZENDKRACHTEN

GOED EN SLECHT CAO-NIEUWS

Tekst Ronald de Kreij Beeld Jaap van Hienen, Doon van de Ven, FNV

FNV Flex strijdt al jaren voor een eerlijk pensioen voor uitzendkrachten.

Goed nieuws en slecht nieuws. Om maar met het laatste te beginnen: de vakbonden en de uitzendwerkgevers verenigd in de ABU en NBBU zijn er niet in geslaagd om, zoals gepland, vóór 1 juli een nieuwe cao af te sluiten. Maar wel, en dat is het goede nieuws, hebben ze alvast twee verbeteringen voor uitzendkrachten afgesproken.

Onderhandelaar Karin Heynsdijk van FNV Flex is, zoals valt te verwachten, blij met het goede nieuws, maar ontevreden over het uitblijven van een nieuwe cao als geheel. ‘Onze inzet was om vóór 1 juli 2022 een nieuw cao-akkoord te hebben ingaande op 2 januari 2023’, vertelt ze. ‘De huidige cao loopt nog tot die datum. Maar dit is helaas niet gelukt. Te veel van onze eisen werden door de werkgevers afgewezen of half toegekend.’

Vanaf deze maand september gaat het cao-overleg verder. De verbeteringen waarover de bonden en de werkgevers het wél al eens zijn geworden, gaan hoe dan ook in op 1 januari 2023. Dit betreft afspraken over de verbetering van de pensioenopbouw en de eindejaaruitkering van uitzendkrachten.

Karin Heynsdijk (rechts) en Marije Ottervanger voeren namens FNV Flex het cao-overleg.

Duidelijke afspraken

Heynsdijk houdt vast aan duidelijke afspraken waar, zoals ze zegt, ‘uitzendkrachten écht iets aan hebben. Denk aan hetzelfde loon als alle collega’s in vaste dienst. Dat is een loon waarmee ook de inzet en ervaring van de uitzendkracht wordt beloond. Inclusief alle toeslagen, vergoedingen, uitkeringen en al wat nog meer geldt bij de opdrachtgever.’

De vakbondsbestuurder heeft meer pijlen op haar boog. ‘We willen ook sneller meer zekerheid over inkomen en contract van de uitzendkracht. Meer zeggenschap over werktijden en werkroosters, geen wachtdagen bij ziekte en directe uitkering van de transitievergoeding bij ontslag.’

Goed en eerlijk pensioen

De eis om snel te komen tot een goed en eerlijk pensioen voor uitzendkrachten heeft Heynsdijk tot haar vreugde wel al gedeeltelijk binnengehaald. Uitzendkrachten beginnen vanaf acht weken werken bij dezelfde werkgever met het opbouwen van pensioen in de basisregeling. Na 52 weken stromen ze door naar de plusregeling.

‘De basispensioenregeling wordt beter’, legt de vakbondsbestuurder uit. ‘Nu bouwt iemand 4,2 procent van zijn pensioengrondslag op – dat is het uurloon minus 7,13 euro – en dat wordt straks 7,3 procent. De werkgevers betalen nu een premie van 2,6 procent van het loon, maar vanaf 1 januari betalen zij 8 procent van de pensioengrondslag. Dat is een hoger bedrag, waardoor alle uitzendkrachten die deelnemen aan de basisregeling meer pensioen opbouwen.’

‘Dit betreft vooralsnog slechts een eerste stap’, vervolgt ze. ‘Uiteindelijk willen we de hele pensioenregeling verbeteren. Hierover zijn we nog in gesprek met de uitzendwerkgevers. We sturen aan op één marktconforme pensioenregeling.’

Vaste eindejaarsuitkering

Ander goed nieuws is dat de eindejaaruitkering vanaf 1 januari 2023 onderdeel wordt van de inlenersbeloning. Dit betekent dat alle vaste uitkeringen zoals de eindejaarsuitkering, de dertiende maand en de kerstgratificatie ook voor uitzendkrachten gaan gelden. Hierbij gelden dezelfde voorwaarden zoals die voor vaste werknemers zijn afgesproken in de cao of arbeidsvoorwaardenreglement. Maar er blijft voor de bond dus ook nog veel te wensen over. FNV Flex heeft daarom een petitie opgesteld om haar eisen kracht bij te zetten. ‘Hoe meer uitzendkrachten de petitie tekenen, hoe sterker het signaal naar de werkgevers is’, besluit Heynsdijk.

INZET WAS OM VÓÓR 1 JULI 2022 EEN NIEUW CAO-AKKOORD TE HEBBEN

Deel deze pagina